De hele tijd al

De afgrond zuigt en duwt en trekt en groeit, groeit
mateloos, zegt nooit het is genoeg, nooit zwart genoeg
rond jou, in jou, neemt alles op in hartverslindend
duister, zoekt kwetsbare plekken. Een kille tocht
sluipt door, via de zachte holte van een zij, tart
een arm, afwerend geheven, binnenzijde buiten, tot,
tergend langzaam, een huiver, een kou op het bot.

Totdat het licht de afgrond overbrugt, je ruimte
heiligt. Dan blijkt dat jij ook in dat ondoorgrondelijk
donker je ogen open had, de hele tijd al.

@ Catharinus | Heilige Ruimte

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s